Morgen of overmorgen (dat ligt aan de precieze stand van de maan: het sikkeltje van de nieuwe maan moet te zien zijn vlak nadat de zon is ondergegaan) begint ramadan: één van de vijf pijlers van de islam. Van zonsopgang tot zonsondergang moet men zich onthouden van alle geneugten zoals eten, drinken, roken en seks. Meer informatie is o.a. hier te vinden.
Op school wordt er al over gesproken: logisch als meer dan 75% van je leerlingen moslim is. Ik ben erg benieuwd hoe de sfeer zal zijn in de lokalen, maar ook in de gangen, de aula en op het plein. Het lesgeven moet eigenlijk wel bemoeilijkt worden als het overgrote deel van de kinderen honger en dorst heeft als gevolg van het vasten.
Een paar dagen geleden bespeurde ik in een eerste klas tussen een aantal jongens wat irritatie. Centrum van de negatieve aandacht leek Philippe te zijn: een grote, ietwat dikke, Arabisch uitziende jongen (met een Arabische achternaam) die in een opstel had geschreven dat hij Syrische ouders heeft. Ik had al eerder gemerkt dat hij niet zo goed lag in de rest van de groep en weet dat aan zijn afkomst en/of aan zijn wat onhandige sociale gedrag. Zijn uitstraling is namelijk nogal dreigend en hij heeft veel narrig commentaar op wat zijn klasgenoten naar voren brengen. Het lijkt erop dat hij best moeite heeft met de stof en het organiseren van zijn werk, maar hij vindt het helemaal niet makkelijk om dat toe te geven of er hulp bij te vragen.
Ik riep hem even bij me.
"Wat is er aan de hand, Philippe? Waarom zijn jullie zo aan het bekvechten?"
"Ze zeuren de hele tijd, juffrouw. Ze zeggen dat ik ook mee moet doen aan ramadan. Maar dat is helemaal niet waar. Ik ben een christen, geen moslim!"
"Je hebt gelijk, Philippe. Als je christen bent, hoef je niet mee te doen aan ramadan," zei ik heel hard, zodat iedereen het duidelijk kon horen. Jammer genoeg moest ik bij mezelf vaststellen dat ik op dat moment te weinig inspiratie had om er een klassengesprek over te houden.
Tja.
De verhalen zijn bekend. De zware druk die soms onderling op scholen wordt uitgeoefend om mee te doen aan ramadan en je streng aan de voorschriften te houden kan heel intimiderend zijn. Ik heb zelfs gehoord van "ramadanpolitie": jongeren die schoolpleinen afgaan en stiekeme eters en drinkers te grazen nemen...
Inmiddels heb ik me wat beter geïnformeerd en durf het nu wel aan. Morgen wil ik erop terugkomen en gaan we het hebben over hoe zwaar ramadan is. En dat ramadan een manier is om te laten zien dat je een goed moslim wil zijn. Door te volharden (een zeer belangrijk begrip voor een moslim), ook al is het nog zo moeilijk, toon je je dienstbaarheid aan God en als je God dient, dien je ook je medemens. Dat is wat God van je wil. Als je honger en dorst hebt, ben je snel geïrriteerd en ontstaan er eerder ruzies. Het is moeilijker om je te concentreren en beleefd te blijven. Maar als je je tijdens het vasten tòch goed blijft gedragen, toon je aan dat je waardig bent om God te dienen. Islam predikt respect voor de medemens, ongeacht diens geloof. Dus het gaat niet aan om mensen die niet meedoen aan ramadan te veroordelen. Als je dat doet ben je eigenlijk zelf niet goed bezig.
Over zulke dingen zal het moeten gaan.
Hoe zal zo'n gesprek verlopen? Wat zullen de leerlingen terug zeggen? Hoe zullen de niet-moslims zich in het gesprek mengen? En er is ook nog een verschil tussen Turkse en Marokkaanse moslims; in ieder geval in hoe ze de begindatum van de ramadan bepalen. Culturele en religieuze verschillen... ik vind het spannend!
zondag, augustus 31, 2008
zaterdag, augustus 30, 2008
Dochter op Kreta
Vanochtend kreeg ik een telefoontje van Dochter vanuit Kreta. Haar stem klonk hees. Gisteravond is ze met zo'n 120 collega's van de NEM in Rotterdam naar Iraklion gevlogen (de schat belde me nog om te melden dat ze veilig was geland), vandaaruit zijn ze per bus naar Chersonissos vervoerd en toen begon het feesten. Ergens halverwege de nacht was ze maar gaan slapen, maar ze had gedanst en gedronken en gegild en gelachen totdat ze niet meer kon.
"Mam, ik ga hier nooit meer naar toe, maar het is te gek om dit ook eens mee te maken... wat een verschrikking! Hollanders op Kreta."
Dochter kan dat tegenwoordig heel goed: de rafelige kanten van het bestaan opzoeken, alles observeren en het beschouwen als een ervaring, zoals er zovele zijn in het leven. En dan gaat ze weer verder. Op zoek naar het volgende. Er zijn tijden geweest dat ze wel eens te lang bleef hangen in het donker, maar dat is gelukkig voorbij.
Ze vertelde dat ze al gezwommen had en daarbij veel aan mij had gedacht. En dat de bergen, de kleur van de zee en de lucht, de witte huisjes, de bloemen, zelfs de geluiden en de geuren haar zo deden denken aan 1999 toen we op vakantie waren in Griekenland. Ik kon me dat toen eigenlijk helemaal niet permitteren, maar heb een lening afgesloten om het toch te doen: drie weken lang met Dochter en Zoon naar mijn tweede vaderland. Het heeft me destijds 8.000 gulden gekost. Nooit heb ik spijt gehad. Sterker nog: ik zou spijt hebben gehad als ik het NIET had gedaan. Het was een volmaakte vakantie waar we het nog vaak over hebben.
En nu is ze dus weer terug onder de Griekse zon.
Zojuist stuurde ze me onderstaande foto.
Vanavond wil ze alleen maar water drinken en op tijd naar bed.
Het zal mij benieuwen!
"Mam, ik ga hier nooit meer naar toe, maar het is te gek om dit ook eens mee te maken... wat een verschrikking! Hollanders op Kreta."
Dochter kan dat tegenwoordig heel goed: de rafelige kanten van het bestaan opzoeken, alles observeren en het beschouwen als een ervaring, zoals er zovele zijn in het leven. En dan gaat ze weer verder. Op zoek naar het volgende. Er zijn tijden geweest dat ze wel eens te lang bleef hangen in het donker, maar dat is gelukkig voorbij.
Ze vertelde dat ze al gezwommen had en daarbij veel aan mij had gedacht. En dat de bergen, de kleur van de zee en de lucht, de witte huisjes, de bloemen, zelfs de geluiden en de geuren haar zo deden denken aan 1999 toen we op vakantie waren in Griekenland. Ik kon me dat toen eigenlijk helemaal niet permitteren, maar heb een lening afgesloten om het toch te doen: drie weken lang met Dochter en Zoon naar mijn tweede vaderland. Het heeft me destijds 8.000 gulden gekost. Nooit heb ik spijt gehad. Sterker nog: ik zou spijt hebben gehad als ik het NIET had gedaan. Het was een volmaakte vakantie waar we het nog vaak over hebben.
En nu is ze dus weer terug onder de Griekse zon.
Zojuist stuurde ze me onderstaande foto.
Vanavond wil ze alleen maar water drinken en op tijd naar bed.Het zal mij benieuwen!
vrijdag, augustus 22, 2008
Huiswerk niet gemaakt
Ze zit in de tweede klas en wil me graag even onder vier ogen spreken. Nee, het kan niet even fluisterend bij mijn tafel. We moeten echt even op de gang. Dus ik zet de klas aan het werk en samen gaan we naar buiten.
Ze kijkt me een beetje gespannen maar glimlachend aan en steekt van wal.
"Gisteren wilde ik net aan die opdracht van u beginnen, toen mijn vader thuiskwam. Hij was klaar met werken. Hij is rijinstructeur. Toen hoorden we een geluid buiten, dat wel op vuurwerk leek. Maar toen we gingen kijken, stond de auto van mijn vader in de fik. De brandweer kwam erbij en de politie en allemaal mensen op straat... Daarna moesten mijn vader en moeder naar het politiebureau om aangifte te doen. En ik moest op mijn kleine broertje passen, dus ik kon niet aan mijn huiswerk. Hij huilt zoveel mijn kleine broertje, dat had ik u toch gisteren verteld? Ze waren pas om een uur of negen weer thuis en toen was het te laat om mijn huiswerk nog te doen, dus ik heb het niet af."
"Wat een verhaal, zeg." Ik geloof haar onmiddellijk, maar kan het niet zo goed bevatten allemaal.
"Weten jullie al wie het heeft gedaan?" vraag ik.
"Nee, we weten het niet. En het is zo raar juf, als je nu naar buiten kijkt. Je ziet geen auto meer, maar alleen nog maar zo zwarte verbrande dingen, allemaal rommel, waar dan ineens stoelen tussen staan. En het bordje bovenop de auto, met de L erop en het telefoonnummer van mijn vader is ook helemaal gesmolten en scheef. Je kunt alleen de L nog maar zien. Mijn vader had dat bordje net gekocht. En hij had vandaag alweer les, maar dat doet hij nu met de auto van mijn moeder. Mijn moeder wil trouwens best een brief schrijven hoor, als u mij niet gelooft. Dan neem ik die maandag wel mee."
"Dat is niet nodig. Ik geloof je wel. Tjongejonge, wat een verhaal, hè?"
"Ja..." ze zucht even. "En ik kreeg ook nog ruzie met mijn moeder, omdat ik de hele tijd moest lachen en toen werd ze boos op mij en zei dat ik niet moest lachen."
"Je moest natuurlijk lachen van de zenuwen, hè?"
Ze knikt.
Dan zeg ik dat ik het heel goed begrijp dat ze haar huiswerk niet heeft kunnen maken. We spreken af dat ze er dit weekend aan gaat werken en het maandag bij me inlevert.
Als we weer in de klas zitten, herinner ik me al die brieven van moeders die ik op mijn vorige school kreeg. In mooie Nederlandse volzinnen werd er dan omstandig uitgelegd waarom Jorinde, Pepijn, Krischa of Romaine hun huiswerk niet af hadden. Dan was de hamster, het konijn of de goudvis plotseling overleden, waardoor het hele gezin in diepe rouw was gedompeld. En na de rituele begrafenis van het dierbare huisdier waren er zoveel emoties losgekomen in het hele gezin, dat school even op de achtergrond was geraakt.
Een andere wereld.
Ze kijkt me een beetje gespannen maar glimlachend aan en steekt van wal.
"Gisteren wilde ik net aan die opdracht van u beginnen, toen mijn vader thuiskwam. Hij was klaar met werken. Hij is rijinstructeur. Toen hoorden we een geluid buiten, dat wel op vuurwerk leek. Maar toen we gingen kijken, stond de auto van mijn vader in de fik. De brandweer kwam erbij en de politie en allemaal mensen op straat... Daarna moesten mijn vader en moeder naar het politiebureau om aangifte te doen. En ik moest op mijn kleine broertje passen, dus ik kon niet aan mijn huiswerk. Hij huilt zoveel mijn kleine broertje, dat had ik u toch gisteren verteld? Ze waren pas om een uur of negen weer thuis en toen was het te laat om mijn huiswerk nog te doen, dus ik heb het niet af."
"Wat een verhaal, zeg." Ik geloof haar onmiddellijk, maar kan het niet zo goed bevatten allemaal.
"Weten jullie al wie het heeft gedaan?" vraag ik.
"Nee, we weten het niet. En het is zo raar juf, als je nu naar buiten kijkt. Je ziet geen auto meer, maar alleen nog maar zo zwarte verbrande dingen, allemaal rommel, waar dan ineens stoelen tussen staan. En het bordje bovenop de auto, met de L erop en het telefoonnummer van mijn vader is ook helemaal gesmolten en scheef. Je kunt alleen de L nog maar zien. Mijn vader had dat bordje net gekocht. En hij had vandaag alweer les, maar dat doet hij nu met de auto van mijn moeder. Mijn moeder wil trouwens best een brief schrijven hoor, als u mij niet gelooft. Dan neem ik die maandag wel mee."
"Dat is niet nodig. Ik geloof je wel. Tjongejonge, wat een verhaal, hè?"
"Ja..." ze zucht even. "En ik kreeg ook nog ruzie met mijn moeder, omdat ik de hele tijd moest lachen en toen werd ze boos op mij en zei dat ik niet moest lachen."
"Je moest natuurlijk lachen van de zenuwen, hè?"
Ze knikt.
Dan zeg ik dat ik het heel goed begrijp dat ze haar huiswerk niet heeft kunnen maken. We spreken af dat ze er dit weekend aan gaat werken en het maandag bij me inlevert.
Als we weer in de klas zitten, herinner ik me al die brieven van moeders die ik op mijn vorige school kreeg. In mooie Nederlandse volzinnen werd er dan omstandig uitgelegd waarom Jorinde, Pepijn, Krischa of Romaine hun huiswerk niet af hadden. Dan was de hamster, het konijn of de goudvis plotseling overleden, waardoor het hele gezin in diepe rouw was gedompeld. En na de rituele begrafenis van het dierbare huisdier waren er zoveel emoties losgekomen in het hele gezin, dat school even op de achtergrond was geraakt.
Een andere wereld.
donderdag, augustus 21, 2008
Geen dag hetzelfde
Elke ochtend als ik naar mijn nieuwe school fiets, weet ik niet wat me te wachten staat. Geen dag is hetzelfde. Verwachtingen komen (bijna) nooit uit.
Het rottigste dat ik tot nu toe heb meegemaakt, was gisteren in een derde klas.
Als ik met mijn rug naar de leerlingen toe sta om iets op het bord te schrijven, wordt er een klein propje papier nèt naast mijn hand gemikt. Ik kan niet met zekerheid zeggen wie het heeft gedaan.
Vlak daarvoor heb ik wèl een dader kunnen aanwijzen, namelijk degene die een stukje gum op mijn tafel had gegooid. Het paste precies op de geschonden gum die op tafel lag bij de leerling die heel erg nadrukkelijk naar buiten keek toen ik vroeg "Wie heeft dat gedaan?". Ik scande zijn tafelblad, zag iets liggen dat een match zou kunnen zijn, liep er snel naar toe en ja hoor: bingo!
"Juf is vet slim! CSI!" werd er opgetogen, maar ook een beetje opruiend geroepen.
"Het ging per ongeluk." zwetste de jongen uit zijn nek.
"Als het nog een keer gebeurt, zet ik je eruit." zei ik tegen hem, duidelijk en voor iedereen te verstaan, in de hoop dat ik het kinderachtige gedrag in de kiem had gesmoord.
En nu is er weer iets naar me gegooid en heb ik geen flauw idee wie het heeft gedaan.
Ik draai me om, glimlach vriendelijk, ga zitten en kijk de klas eens rond. Verwachtingsvolle ogen zijn op mij gericht.
Sensatiezoekers.
"Is er iemand die me wil vertellen wie dat propje gooide?" vraag ik met rustige stem.
"Ik heb het niet gedaan!"
"Waarom kijkt u mij nou aan?"
"Wat is er gebeurd?"
Allemaal door elkaar heen. Allemaal jongens. Harde stemmen, bijna schreeuwend, maar zeker roepend. De meiden stil of stiekem giechelend. Al met al een flink pandemonium.
Ondertussen begin ik een zogenaamd uitstuurbriefje in te vullen voor de leerling die ik in eerste instantie heb betrapt. Ik leg het bij hem op tafel met de duidelijke boodschap "Met dit briefje stuur ik je uit de les en jij weet nu heel goed wat je moet doen."
Hij sputtert een beetje tegen, maar begint wel zijn spullen te pakken. De jongens trekken weer van leer en beginnen een hoop gedoe over waarom ik hem eruit stuur, want weet ik wel zeker dat hij het heeft gedaan en dat is niet eerlijk, etc.
"Daar gaan we het nu niet over hebben, want we gaan weer aan het werk," is mijn reactie.
Pfoeh, dit is echt aanpoten...
Het moeilijkste is het om volstrekt rustig te blijven: niet alleen uiterlijk, maar vooral innerlijk. Ik ben nieuw op school en de leerlingen willen testen of ik omga of overeind blijf, want ze willen weten of ze iets aan me hebben. In hun leven is er al meer dan genoeg waar ze niet op kunnen bouwen.
Als ze bezig zijn, loop ik langs de tafels en probeer zoveel mogelijk positieve dingen te benoemen. Ook bij de jongens met de grootste bek. Die hebben vaak een klein hartje, toch?
In één van de eerste klassen zit een engeltje. Ik weet het zeker. Grote bruine ogen waar de kinderlijke onschuld vanaf spat. Nog een beetje rond in de ledematen, maar het gaat niet lang meer duren voordat hij echt gaat groeien. Hij geeft me aan het einde van het uur steeds met plezier een hand, kijkt me recht aan en zegt: "Dank u wel voor de fijne les, juf."
Als hij mijn hand loslaat, legt hij de zijne even op zijn hart.
Hoe zal hij zijn in de derde klas?
Het rottigste dat ik tot nu toe heb meegemaakt, was gisteren in een derde klas.
Als ik met mijn rug naar de leerlingen toe sta om iets op het bord te schrijven, wordt er een klein propje papier nèt naast mijn hand gemikt. Ik kan niet met zekerheid zeggen wie het heeft gedaan.
Vlak daarvoor heb ik wèl een dader kunnen aanwijzen, namelijk degene die een stukje gum op mijn tafel had gegooid. Het paste precies op de geschonden gum die op tafel lag bij de leerling die heel erg nadrukkelijk naar buiten keek toen ik vroeg "Wie heeft dat gedaan?". Ik scande zijn tafelblad, zag iets liggen dat een match zou kunnen zijn, liep er snel naar toe en ja hoor: bingo!
"Juf is vet slim! CSI!" werd er opgetogen, maar ook een beetje opruiend geroepen.
"Het ging per ongeluk." zwetste de jongen uit zijn nek.
"Als het nog een keer gebeurt, zet ik je eruit." zei ik tegen hem, duidelijk en voor iedereen te verstaan, in de hoop dat ik het kinderachtige gedrag in de kiem had gesmoord.
En nu is er weer iets naar me gegooid en heb ik geen flauw idee wie het heeft gedaan.
Ik draai me om, glimlach vriendelijk, ga zitten en kijk de klas eens rond. Verwachtingsvolle ogen zijn op mij gericht.
Sensatiezoekers.
"Is er iemand die me wil vertellen wie dat propje gooide?" vraag ik met rustige stem.
"Ik heb het niet gedaan!"
"Waarom kijkt u mij nou aan?"
"Wat is er gebeurd?"
Allemaal door elkaar heen. Allemaal jongens. Harde stemmen, bijna schreeuwend, maar zeker roepend. De meiden stil of stiekem giechelend. Al met al een flink pandemonium.
Ondertussen begin ik een zogenaamd uitstuurbriefje in te vullen voor de leerling die ik in eerste instantie heb betrapt. Ik leg het bij hem op tafel met de duidelijke boodschap "Met dit briefje stuur ik je uit de les en jij weet nu heel goed wat je moet doen."
Hij sputtert een beetje tegen, maar begint wel zijn spullen te pakken. De jongens trekken weer van leer en beginnen een hoop gedoe over waarom ik hem eruit stuur, want weet ik wel zeker dat hij het heeft gedaan en dat is niet eerlijk, etc.
"Daar gaan we het nu niet over hebben, want we gaan weer aan het werk," is mijn reactie.
Pfoeh, dit is echt aanpoten...
Het moeilijkste is het om volstrekt rustig te blijven: niet alleen uiterlijk, maar vooral innerlijk. Ik ben nieuw op school en de leerlingen willen testen of ik omga of overeind blijf, want ze willen weten of ze iets aan me hebben. In hun leven is er al meer dan genoeg waar ze niet op kunnen bouwen.
Als ze bezig zijn, loop ik langs de tafels en probeer zoveel mogelijk positieve dingen te benoemen. Ook bij de jongens met de grootste bek. Die hebben vaak een klein hartje, toch?
In één van de eerste klassen zit een engeltje. Ik weet het zeker. Grote bruine ogen waar de kinderlijke onschuld vanaf spat. Nog een beetje rond in de ledematen, maar het gaat niet lang meer duren voordat hij echt gaat groeien. Hij geeft me aan het einde van het uur steeds met plezier een hand, kijkt me recht aan en zegt: "Dank u wel voor de fijne les, juf."
Als hij mijn hand loslaat, legt hij de zijne even op zijn hart.
Hoe zal hij zijn in de derde klas?
zondag, augustus 17, 2008
What's in a name?
Morgen de eerste lesdag en dus ben ik vandaag druk bezig om de namen van mijn a.s. leerlingen in mijn grote rode schrift (Cahier de Bord van Clairefontaine) te schrijven. Dan kan ik straks precies bijhouden of ze er zijn, hun spullen in orde hebben en hun huiswerk gedaan. Dat is handig voor het overzicht: helemaal als er een rapportcijfer samengesteld moet worden, want alle tussentijdse resultaten komen natuurlijk ook in die administratie terecht. Wat dat betreft is het net het Grote Rode Boek van Sinterklaas...
Het zijn namen die ik me nog eigen moet maken, zodat ze me op de juiste manier uitgesproken en als vanzelfsprekend van de lippen rollen. Van de meeste weet ik niet eens of ze van jongens of meisjes zijn: Oumaima, Hicham, Serdal, Najoua, Ihsane, Smahane, Chivangenie, Yavuz, Afzal, Feyzullah, Doganay, Noureddine, Sümeyye, Furgan.
Even googelen en daar vind ik iets dat uitkomst kan bieden: een site die zichzelf behind the name noemt en waar je heel veel informatie kunt vinden over Arabische (maar ook andere) namen.
Nog één nachtje slapen en dan gaat het echte werk beginnen. Ik ga ze Nederlands geven en binnenkort krijgen ze van mij de opdracht om een opstel te schrijven over hun eigen naam. Daarvoor moeten ze dan hun ouders interviewen om erachter te komen waarom die naam voor ze is gekozen en wat hij betekent. En ze kunnen nadenken over of ze vinden dat die naam bij ze past of dat ze liever anders zouden heten.
Het is een opdracht die ik wel vaker heb gegeven en die mooie resultaten kan opleveren, ook in de zin van meer informatie over een kind en het gezin waarin het opgroeit. Waardoor je een leerling beter kunt begrijpen en vervolgens handiger benaderen.
Over namen gesproken: op mijn nieuwe school is het de gewoonte om als leerkracht met je achternaam (en niet met je voornaam) te worden aangesproken. Da's nog wel even wennen voor me, maar op zich vind ik het een heel goed plan. Al dat amicale gedoe tussen leerling en leraar: een zekere distantie is helemaal niet verkeerd. Ik zal nooit vergeten dat ik op mijn vorige school, tijdens het uitdelen van nagekeken werk, van een ongeveer 14-jarige leerlinge een tik op mijn billen kreeg met daarbij de opmerking "Lekker kontje, juf!". Uiteraard stuurde ik haar de klas uit en liet haar duidelijk merken dat ik van zulks niet gediend was.
In een gesprekje daarna, vroeg ik haar hoe ze het in haar hoofd haalde om zoiets te doen, omdat dergelijk gedrag onder vriendinnen misschien nog acceptabel was, maar beslist niet binnen onze juf-leerling verhouding. Ze was behoorlijk overstuur, omdat ze mijn grens eigenlijk helemaal niet begreep. Met betraande ogen keek ze me aan en zei: "Maar je bènt toch mijn vriendin?".
Arm kind, wat een verwarring...
Het zijn namen die ik me nog eigen moet maken, zodat ze me op de juiste manier uitgesproken en als vanzelfsprekend van de lippen rollen. Van de meeste weet ik niet eens of ze van jongens of meisjes zijn: Oumaima, Hicham, Serdal, Najoua, Ihsane, Smahane, Chivangenie, Yavuz, Afzal, Feyzullah, Doganay, Noureddine, Sümeyye, Furgan.
Even googelen en daar vind ik iets dat uitkomst kan bieden: een site die zichzelf behind the name noemt en waar je heel veel informatie kunt vinden over Arabische (maar ook andere) namen.
Nog één nachtje slapen en dan gaat het echte werk beginnen. Ik ga ze Nederlands geven en binnenkort krijgen ze van mij de opdracht om een opstel te schrijven over hun eigen naam. Daarvoor moeten ze dan hun ouders interviewen om erachter te komen waarom die naam voor ze is gekozen en wat hij betekent. En ze kunnen nadenken over of ze vinden dat die naam bij ze past of dat ze liever anders zouden heten.
Het is een opdracht die ik wel vaker heb gegeven en die mooie resultaten kan opleveren, ook in de zin van meer informatie over een kind en het gezin waarin het opgroeit. Waardoor je een leerling beter kunt begrijpen en vervolgens handiger benaderen.
Over namen gesproken: op mijn nieuwe school is het de gewoonte om als leerkracht met je achternaam (en niet met je voornaam) te worden aangesproken. Da's nog wel even wennen voor me, maar op zich vind ik het een heel goed plan. Al dat amicale gedoe tussen leerling en leraar: een zekere distantie is helemaal niet verkeerd. Ik zal nooit vergeten dat ik op mijn vorige school, tijdens het uitdelen van nagekeken werk, van een ongeveer 14-jarige leerlinge een tik op mijn billen kreeg met daarbij de opmerking "Lekker kontje, juf!". Uiteraard stuurde ik haar de klas uit en liet haar duidelijk merken dat ik van zulks niet gediend was.
In een gesprekje daarna, vroeg ik haar hoe ze het in haar hoofd haalde om zoiets te doen, omdat dergelijk gedrag onder vriendinnen misschien nog acceptabel was, maar beslist niet binnen onze juf-leerling verhouding. Ze was behoorlijk overstuur, omdat ze mijn grens eigenlijk helemaal niet begreep. Met betraande ogen keek ze me aan en zei: "Maar je bènt toch mijn vriendin?".
Arm kind, wat een verwarring...
zaterdag, augustus 16, 2008
Lord of the Rings
Vanavond kijkt Zoon naar Lord of the Rings. Ik vind het eigenlijk veel te eng allemaal en zit graag achter mijn pc. Dan kan ik af en toe opstaan en in de keuken wat caterende activiteiten ontplooien, vooral als de muziek dreigend aanzwelt, omdat de Orks (?) wéér achter kleine Frodo aan gaan om hem die ring af te pakken. Zo heb ik al zelfgemaakte chocolademelk met koekjes geserveerd en zwarte thee met honing en een wolkje melk.
Allemaal leuk en aardig, maar ik vind het ineens echt drie keer niks dat Dochter helemaal in Rotjeknor gelukkig samenwoont met Vriend. Zij hoort hier naast Zoon op de bank en dat ik dan met twee mokken heen en weer loop te sjouwen...
Misschien komt het wel doordat die twee prachtige kinderen van mij elkaar altijd, dwars door alles heen (ook de moeilijke jaren) zijn blijven liefhebben. Als ze samen naar Lord of the Rings kijken (Pirates of the Caribbean of Harry Potter kan ook), zijn ze van mij afgesloten. Ik kan ze in die wereld niet volgen, omdat hij onderdeel uitmaakt van het tweepersoons universum dat zij hebben. Ik kan daar niet bij, maar ik kan ze wel zien en ervan genieten dat ze het daar samen zo goed hebben.
Maar nu zit Zoon daar alleen en kan ik niet naar ze kijken en ze samen horen babbelen en lachen om voor mij onbegrijpelijke zaken.
Natuurlijk, Dochter is volwassen, heeft recht op haar eigen leven en het is fantastisch dat ze het zo fijn heeft met die jongen en hun huis en Poes en haar werk en haar vrienden enzo, blablabla, maar ik kan haar soms heel onverwacht heel erg ontzettend missen.
Zoals nu.
Allemaal leuk en aardig, maar ik vind het ineens echt drie keer niks dat Dochter helemaal in Rotjeknor gelukkig samenwoont met Vriend. Zij hoort hier naast Zoon op de bank en dat ik dan met twee mokken heen en weer loop te sjouwen...
Misschien komt het wel doordat die twee prachtige kinderen van mij elkaar altijd, dwars door alles heen (ook de moeilijke jaren) zijn blijven liefhebben. Als ze samen naar Lord of the Rings kijken (Pirates of the Caribbean of Harry Potter kan ook), zijn ze van mij afgesloten. Ik kan ze in die wereld niet volgen, omdat hij onderdeel uitmaakt van het tweepersoons universum dat zij hebben. Ik kan daar niet bij, maar ik kan ze wel zien en ervan genieten dat ze het daar samen zo goed hebben.
Maar nu zit Zoon daar alleen en kan ik niet naar ze kijken en ze samen horen babbelen en lachen om voor mij onbegrijpelijke zaken.
Natuurlijk, Dochter is volwassen, heeft recht op haar eigen leven en het is fantastisch dat ze het zo fijn heeft met die jongen en hun huis en Poes en haar werk en haar vrienden enzo, blablabla, maar ik kan haar soms heel onverwacht heel erg ontzettend missen.
Zoals nu.
donderdag, augustus 14, 2008
Een nieuw seizoen
Vanmiddag ben ik met pijn in mijn buik naar mijn nieuwe school gefietst: in lange, lange tijd ben ik niet meer zo zenuwachtig geweest! Om 13 uur zou de inloop starten en een half uurtje later de algemene vergadering, met daarna een splitsing in onderbouw en bovenbouw. In mijn hoofd tuimelden ontzettend veel vragen over elkaar heen. Wie zou ik aantreffen als mijn nieuwe collega's? Zou er tenminste ééntje tussen zitten met wie ik een hartelijk contact zou kunnen opbouwen? Zouden ze van de gulle lach zijn of toch meer het afgeknepen type?
Waar het allemaal op neer kwam, was natuurlijk de vraag of ik me er welkom zou voelen.
Nou, echt helemaal nìks te klagen!
Ik ben "geadopteerd" door H., een oudere man die al vanaf '77 in hetzelfde gebouw werkt. Een ware 1e graads leraar Nederlands, die 30 jaar geleden is begonnen met lesgeven op havo/vwo niveau en een aantal fusies later heeft besloten om met vreugde de overgang naar het vmbo te maken. Hij houdt van de minder bedeelde kinderen in Amsterdam West die het moeilijk hebben, een speciale aanpak behoeven en met wie het werken zo dankbaar kan zijn. Verder was er C. die zich over mij ontfermde: ook alweer bijna 25 jaar in het vak, inclusief een vette burnout van anderhalf jaar.
Van haar is de volgende anekdote uit één van haar eerste lessen in het voortgezet onderwijs met "wat minder sociaal vaardige leerlingen", zoals dat dan heet. C. was als invaller in een klas beland met brutaal-ordinaire Hollandse meiden van een jaar of 15. Op haar tafel stond om de één of andere ondoorgrondelijke reden een plastic kuipje boter. Het viel haar eigenlijk pas op, toen ze de meiden hoorde smiespelen. Eerst hadden ze het over "glijmiddel", maar al heel snel werd dat "glijmiddel van de juf". C. wist dat ze het meteen de kop in moest drukken, omdat ze anders niet meer aan lesgeven zou toekomen. Dus stond ze op, pakte het kuipje stevig beet, verhief haar stem en zei op strenge toon: "In de eerste plaats is dit geen glijmiddel, maar boter..." en toen moest er een tweede plaats komen, maar die had ze nog niet paraat... "en in de tweede plaats heeft deze juf geen glijmiddel nodig!!!", hoorde ze zichzelf toen zeggen. Plotseling was het doodstil geweest in het lokaal: de meiden waren met stomheid geslagen en C. zelf eigenlijk ook. Maar ze had daarna nooit meer last van ongepaste opmerkingen gehad in die klas.
Met C. valt er in ieder geval te lachen dus.
En verder heb ik onder andere ontmoet:
* een ongelooflijk mooi-ronde, zwarte lerares met felle, maar vriendelijke ogen en knalrood gestifte lippen, een zwierige bloemenrok met daarboven een kobaltblauwe blouse die schitterend kleurde bij haar huid,
* een jonge zeer hulpvaardige Marokkaan met stralende ogen en een heldere stem, die alleen maar glimlachend door het leven lijkt te gaan, terwijl hij allerminst een luchtige indruk maakt,
* een tengere moslima met bijna zwarte, glanzende ogen omlijst door krullende niet-werelds-lange wimpers, gekleed in een enkellange feeërieke jurk met bijpassend hoofdoekje.
Samen met een vijftigtal anderen vormen ze een divers gezelschap en ik ben er zeer benieuwd naar om al deze nieuwe collega's te leren kennen. Alhoewel ik er ook al een paar in de peiling heb die je uitgeblust, apatisch en/of cynisch zou kunnen noemen. Daar blijf ik dan dus maar een beetje uit de buurt!
Maar meerdere collega's hebben me letterlijk welkom geheten (vond ik erg fijn om te horen) en zelfs gezegd dat ze blij zijn dat ik naar hun school ben gekomen. Ze denken dat ze me goed kunnen gebruiken, omdat ik onderwijservaring heb en vast veel nieuwe en originele inbreng. Ik heb geen idee ze zich allemaal voorstellen, maar ik weet wel dat ik ontzettend veel zin heb om dat te gaan ontdekken!
Waar het allemaal op neer kwam, was natuurlijk de vraag of ik me er welkom zou voelen.
Nou, echt helemaal nìks te klagen!
Ik ben "geadopteerd" door H., een oudere man die al vanaf '77 in hetzelfde gebouw werkt. Een ware 1e graads leraar Nederlands, die 30 jaar geleden is begonnen met lesgeven op havo/vwo niveau en een aantal fusies later heeft besloten om met vreugde de overgang naar het vmbo te maken. Hij houdt van de minder bedeelde kinderen in Amsterdam West die het moeilijk hebben, een speciale aanpak behoeven en met wie het werken zo dankbaar kan zijn. Verder was er C. die zich over mij ontfermde: ook alweer bijna 25 jaar in het vak, inclusief een vette burnout van anderhalf jaar.
Van haar is de volgende anekdote uit één van haar eerste lessen in het voortgezet onderwijs met "wat minder sociaal vaardige leerlingen", zoals dat dan heet. C. was als invaller in een klas beland met brutaal-ordinaire Hollandse meiden van een jaar of 15. Op haar tafel stond om de één of andere ondoorgrondelijke reden een plastic kuipje boter. Het viel haar eigenlijk pas op, toen ze de meiden hoorde smiespelen. Eerst hadden ze het over "glijmiddel", maar al heel snel werd dat "glijmiddel van de juf". C. wist dat ze het meteen de kop in moest drukken, omdat ze anders niet meer aan lesgeven zou toekomen. Dus stond ze op, pakte het kuipje stevig beet, verhief haar stem en zei op strenge toon: "In de eerste plaats is dit geen glijmiddel, maar boter..." en toen moest er een tweede plaats komen, maar die had ze nog niet paraat... "en in de tweede plaats heeft deze juf geen glijmiddel nodig!!!", hoorde ze zichzelf toen zeggen. Plotseling was het doodstil geweest in het lokaal: de meiden waren met stomheid geslagen en C. zelf eigenlijk ook. Maar ze had daarna nooit meer last van ongepaste opmerkingen gehad in die klas.
Met C. valt er in ieder geval te lachen dus.
En verder heb ik onder andere ontmoet:
* een ongelooflijk mooi-ronde, zwarte lerares met felle, maar vriendelijke ogen en knalrood gestifte lippen, een zwierige bloemenrok met daarboven een kobaltblauwe blouse die schitterend kleurde bij haar huid,
* een jonge zeer hulpvaardige Marokkaan met stralende ogen en een heldere stem, die alleen maar glimlachend door het leven lijkt te gaan, terwijl hij allerminst een luchtige indruk maakt,
* een tengere moslima met bijna zwarte, glanzende ogen omlijst door krullende niet-werelds-lange wimpers, gekleed in een enkellange feeërieke jurk met bijpassend hoofdoekje.
Samen met een vijftigtal anderen vormen ze een divers gezelschap en ik ben er zeer benieuwd naar om al deze nieuwe collega's te leren kennen. Alhoewel ik er ook al een paar in de peiling heb die je uitgeblust, apatisch en/of cynisch zou kunnen noemen. Daar blijf ik dan dus maar een beetje uit de buurt!
Maar meerdere collega's hebben me letterlijk welkom geheten (vond ik erg fijn om te horen) en zelfs gezegd dat ze blij zijn dat ik naar hun school ben gekomen. Ze denken dat ze me goed kunnen gebruiken, omdat ik onderwijservaring heb en vast veel nieuwe en originele inbreng. Ik heb geen idee ze zich allemaal voorstellen, maar ik weet wel dat ik ontzettend veel zin heb om dat te gaan ontdekken!
woensdag, juli 30, 2008
Da tasjch
Hij kostte ooit 60 Euro, maar in de uitverkoop ging daar zomaar een heleboel vanaf. In ieder geval genoeg om hem zonder al teveel nadenken aan te schaffen. Ik vind hem fantastisch mooi: brutaal, op het randje van ordi, grappig. Niet voor mezelf maar voor Dochter. Omdat zij de looks en de leeftijd heeft om dit kunstwerk met stijl te dragen!PS Het is Zoon die hem hier voor de foto vasthoudt en onherkenbaar is gemaakt voor het grote publiek.
donderdag, juli 24, 2008
Heldendom
Nooit geweten dat er een Carnegie Heldenfonds bestaat, maar vandaag las ik erover in de Volkskrant, gezeten op een schaduwrijk bankje in het Vondelpark. Dit Fonds heeft besloten twee meisjes uit Dordrecht te belonen met een bronzen medaille en nog zowat, omdat ze met gevaar voor eigen leven het leven van een ander hebben gered. Heldinnen van 17 jaar, die op een woensdagmiddag in september vorig jaar een vrouw hulpeloos in haar rolstoel zagen zitten op een spoorwegovergang, waarvan de spoorbomen al dicht waren.
"Van beide kanten naderden treinen. Omstanders grepen aanvankelijk niet in, maar de twee tieners aarzelden niet en slaagden erin (samen met een te hulp schietende volwassen man) de vrouw van het spoor te trekken."
Wat een waanzinnige situatie, wat een moed en daadkracht. Daar kan menig mens nog een puntje aan zuigen. Wat een geweldige meiden. Daar word je toch stil van? Zijn een medaille, een loffelijk getuigschrift, een bos bloemen en wat VVV-bonnen wel genoeg om zoiets te markeren als een heldendaad?
Maar dan nog een alinea uit het artikel: "De aan de dood ontsnapte vrouw kon de reddingsactie minder waarderen: zij was naar de plek gegaan om zelfmoord te plegen."
Isn't it ironic!
"Van beide kanten naderden treinen. Omstanders grepen aanvankelijk niet in, maar de twee tieners aarzelden niet en slaagden erin (samen met een te hulp schietende volwassen man) de vrouw van het spoor te trekken."
Wat een waanzinnige situatie, wat een moed en daadkracht. Daar kan menig mens nog een puntje aan zuigen. Wat een geweldige meiden. Daar word je toch stil van? Zijn een medaille, een loffelijk getuigschrift, een bos bloemen en wat VVV-bonnen wel genoeg om zoiets te markeren als een heldendaad?
Maar dan nog een alinea uit het artikel: "De aan de dood ontsnapte vrouw kon de reddingsactie minder waarderen: zij was naar de plek gegaan om zelfmoord te plegen."
Isn't it ironic!
zaterdag, juli 19, 2008
Bloemetje, buur?
Bloemetje, buur? is een bedrijfje dat zichzelf als missie heeft gesteld om zoveel mogelijk balkons, dakterrassen en vensterbanken in Amsterdam te versieren met bloembakken. Voor 19 Euro wordt er een bak met bloeiende planten en ophanghaken bij je thuis bezorgd. Als de bak voor je buren bedoeld is (bijvoorbeeld omdat ze voor je planten en huisdieren hebben gezorgd tijdens de vakantie, of als je ze wil belonen voor het eindeloze geduld dat ze hebben opgebracht voor de overlast veroorzaakt door de ingrijpende verbouwing die je net achter de rug hebt...), krijg je 2,50 korting. Heel sympathiek! Er is keuze uit verschillende arrangementen met namen als Tiroler Rood en Roze, Flower Power, Als een Pauw zo Blauw, Mellow Yellow of Op een Roze Wolk. Er zijn ook bakken met kruidenplantjes: een Hollandse en Italiaanse variant.
Het bedrijf is opgezet door een Egyptisch-Nederlandse jongeman die na allerlei studies en omzwervingen tot de conclusie kwam dat hij niet geschikt is voor een kantoorbaan.
Zo geinig vind ik dit. Het heeft wel wat weg van de overbodige luxe (in mijn ogen dan) om bijvoorbeeld je boodschappen laten bezorgen, omdat je zelf geen tijd hebt/maakt. Want wat is er nou leuker dan zèlf je plantjes uit te zoeken en met je handen in de pootaarde te graaien om vervolgens te genieten van het mooie resultaat?! Maar het idee dat hele buurten en wijken in Amsterdam binnenkort misschien volhangen met kleurige bloembakken fleurt mijn wereldbeeld enorm op.
Het bedrijf is opgezet door een Egyptisch-Nederlandse jongeman die na allerlei studies en omzwervingen tot de conclusie kwam dat hij niet geschikt is voor een kantoorbaan.
Zo geinig vind ik dit. Het heeft wel wat weg van de overbodige luxe (in mijn ogen dan) om bijvoorbeeld je boodschappen laten bezorgen, omdat je zelf geen tijd hebt/maakt. Want wat is er nou leuker dan zèlf je plantjes uit te zoeken en met je handen in de pootaarde te graaien om vervolgens te genieten van het mooie resultaat?! Maar het idee dat hele buurten en wijken in Amsterdam binnenkort misschien volhangen met kleurige bloembakken fleurt mijn wereldbeeld enorm op.
donderdag, juli 17, 2008
Alles wordt anders...
Over vier weken heb ik vanmiddag kennis gemaakt met mijn nieuwe collega's, weet ik welke lessen ik wanneer ga geven en hopelijk heb ik een eigen lokaal gekregen en ingericht... En dan is er morgen de ontmoeting met leerlingen die hun boeken en lesrooster op komen halen.
Een paar dagen later, op maandag 18 augustus om precies te zijn, begint mijn nieuwe leven als leerkracht op een zwarte school in Slotervaart. Ik heb inmiddels "Onzichtbare ouders" van Margalith Kleijwegt en "Juf met staarten op een zwarte school" van Eefje Pleij gelezen en ben nu bezig met één van de twee boeken van Kees Beekmans, die een jaar of tien les heeft gegeven op een zwarte praktijkschool, ook ergens in Amsterdam West.
Ik weet niet hoe ik me verder nog zou moeten voorbereiden.
Ik ben bezig om mijn huis op te ruimen en ik zuig me helemaal vol met films, bijvoorbeeld:
* Elsa en Fred, over twee bejaarde mensen in Madrid die verliefd op elkaar worden en samen naar Rome afreizen om de mooiste scène uit La Dolce Vita na te spelen in de Trevi fontein. Ik kreeg er bijna zin in om alvast zó oud te zijn.
* 21 grams, van dezelfde regisseur als Babel, met Naomi Watts, Sean Penn en Benicio del Toro over leven, dood en verlossing met een heftig, ietwat melo-dramatisch verhaal dat niet langs chronologische lijn wordt verteld. Heel indrukwekkend: nu wil ik Amores Perros ook nog zien.
* The Kite Runner, naar het boek dat ik vorig jaar met zoveel plezier heb gelezen: de film is zeker net zo goed. Mooiste scène vond ik het wassen van voeten voor het gebed in de moskee. Nooit eerder kon ik zo duidelijk navoelen wat zo'n ritueel eigenlijk betekent.
* Good Night, and Good Luck, over de tijd van senator McCarthy en zijn jacht op communisten en hoe een televisiejournalist daar weerstand tegen probeerde te bieden. Zo lang is het nog niet geleden dat de Verenigde Staten geregeerd werd door paranoia: mensen werden gestimuleerd om elkaar te verraden, net als in het Oostblok. De regie is van George Clooney, die ervoor koos om de film geheel in zwart-wit te draaien.
* Michael Clayton, met in de hoofdrol George Clooney... dus hij is veel in beeld. Need I say more?
* No Country for Old Men van de gebroeders Coen: spannend en bloederig met een ietwat sullige, schietgrage held. Hij viel me een beetje tegen vergeleken met bijvoorbeeld Fargo, the Big Lebowski, O Brother, Where Art Thou? of Intolerable Cruelty, maar ach...
* Alles is Liefde, eindelijk gezien: leuke film, zit goed in elkaar, met fijne grappen en prettige acteurs.
* Charlie Wilson's War, over hoe de VS in Afghanistan betrokken raakten en de Taliban (zie The Kite Runner) in het zadel hielpen om de Russen aldaar te verdrijven. Uiteindelijk kwam daardoor het communisme ten val en werd de wereld verlost van de Koude Oorlog. Verhelderend om het weer eens allemaal voorbij te zien komen.
* Auf der Anderen Seite, een interessante film van een Turkse regisseur. Het verhaal speelt voornamelijk in Hamburg en Istanbul en gaat over migratie, roots en identiteit. Hanna Schygulla was verrrassend: nu niet als vamp, maar als matrone van middelbare leeftijd.
* Love Liza, met in de hoofdrol Philip Seymour Hoffman als een nerd wiens vrouw zelfmoord pleegt. Daarover is hij zó ontroostbaar, dat hij totaal de kluts kwijtraakt en zichzelf verdooft met de dampen van benzine voor modelvliegtuigjes. Het levert een aantal hilarische situaties op, maar het totaal is toch voornamelijk schrijnend.
Vandaag heb ik achter elkaar alle afleveringen gezien van Angels in America van Mike Nichols. Het plan was om er hooguit twee te bekijken, maar ik werd volledig gegrepen door het verhaal, dat halverwege de jaren '80 speelt in homo-kringen in New York. Liefde, dood (aids!) en vergeving zijn de thema's waar alles om draait. En tegelijkertijd is het een lesje geschiedenis. Waanzinnige koortsdromen met een enorme engel die door het plafond afdaalt worden verbeeld op weergaloze wijze. Om maar eens wat te noemen...
Al die beelden, al die verhalen, al die schoonheid: het is ook een manier om me voor te bereiden. Denk ik nu.
Een paar dagen later, op maandag 18 augustus om precies te zijn, begint mijn nieuwe leven als leerkracht op een zwarte school in Slotervaart. Ik heb inmiddels "Onzichtbare ouders" van Margalith Kleijwegt en "Juf met staarten op een zwarte school" van Eefje Pleij gelezen en ben nu bezig met één van de twee boeken van Kees Beekmans, die een jaar of tien les heeft gegeven op een zwarte praktijkschool, ook ergens in Amsterdam West.
Ik weet niet hoe ik me verder nog zou moeten voorbereiden.
Ik ben bezig om mijn huis op te ruimen en ik zuig me helemaal vol met films, bijvoorbeeld:
* Elsa en Fred, over twee bejaarde mensen in Madrid die verliefd op elkaar worden en samen naar Rome afreizen om de mooiste scène uit La Dolce Vita na te spelen in de Trevi fontein. Ik kreeg er bijna zin in om alvast zó oud te zijn.
* 21 grams, van dezelfde regisseur als Babel, met Naomi Watts, Sean Penn en Benicio del Toro over leven, dood en verlossing met een heftig, ietwat melo-dramatisch verhaal dat niet langs chronologische lijn wordt verteld. Heel indrukwekkend: nu wil ik Amores Perros ook nog zien.
* The Kite Runner, naar het boek dat ik vorig jaar met zoveel plezier heb gelezen: de film is zeker net zo goed. Mooiste scène vond ik het wassen van voeten voor het gebed in de moskee. Nooit eerder kon ik zo duidelijk navoelen wat zo'n ritueel eigenlijk betekent.
* Good Night, and Good Luck, over de tijd van senator McCarthy en zijn jacht op communisten en hoe een televisiejournalist daar weerstand tegen probeerde te bieden. Zo lang is het nog niet geleden dat de Verenigde Staten geregeerd werd door paranoia: mensen werden gestimuleerd om elkaar te verraden, net als in het Oostblok. De regie is van George Clooney, die ervoor koos om de film geheel in zwart-wit te draaien.
* Michael Clayton, met in de hoofdrol George Clooney... dus hij is veel in beeld. Need I say more?
* No Country for Old Men van de gebroeders Coen: spannend en bloederig met een ietwat sullige, schietgrage held. Hij viel me een beetje tegen vergeleken met bijvoorbeeld Fargo, the Big Lebowski, O Brother, Where Art Thou? of Intolerable Cruelty, maar ach...
* Alles is Liefde, eindelijk gezien: leuke film, zit goed in elkaar, met fijne grappen en prettige acteurs.
* Charlie Wilson's War, over hoe de VS in Afghanistan betrokken raakten en de Taliban (zie The Kite Runner) in het zadel hielpen om de Russen aldaar te verdrijven. Uiteindelijk kwam daardoor het communisme ten val en werd de wereld verlost van de Koude Oorlog. Verhelderend om het weer eens allemaal voorbij te zien komen.
* Auf der Anderen Seite, een interessante film van een Turkse regisseur. Het verhaal speelt voornamelijk in Hamburg en Istanbul en gaat over migratie, roots en identiteit. Hanna Schygulla was verrrassend: nu niet als vamp, maar als matrone van middelbare leeftijd.
* Love Liza, met in de hoofdrol Philip Seymour Hoffman als een nerd wiens vrouw zelfmoord pleegt. Daarover is hij zó ontroostbaar, dat hij totaal de kluts kwijtraakt en zichzelf verdooft met de dampen van benzine voor modelvliegtuigjes. Het levert een aantal hilarische situaties op, maar het totaal is toch voornamelijk schrijnend.
Vandaag heb ik achter elkaar alle afleveringen gezien van Angels in America van Mike Nichols. Het plan was om er hooguit twee te bekijken, maar ik werd volledig gegrepen door het verhaal, dat halverwege de jaren '80 speelt in homo-kringen in New York. Liefde, dood (aids!) en vergeving zijn de thema's waar alles om draait. En tegelijkertijd is het een lesje geschiedenis. Waanzinnige koortsdromen met een enorme engel die door het plafond afdaalt worden verbeeld op weergaloze wijze. Om maar eens wat te noemen...
Al die beelden, al die verhalen, al die schoonheid: het is ook een manier om me voor te bereiden. Denk ik nu.
dinsdag, juli 15, 2008
Land in oorlog
Sinds bijna 10 jaar nu koop ik groene pitloze olijven met heel veel knoflook en peterselie bij hetzelfde winkeltje bij mij in de buurt. Het is gelegen op de hoek van de Aalsmeerweg en de Rietwijkerstraat en het heeft achtereenvolgens toebehoord aan een Marokkaanse, een Pakistaanse en tegenwoordig weer een andere -ook gebrekkig Nederlands sprekende- eigenaar. Het recept wordt blijkbaar samen met de inventaris doorgegeven, want de olijven blijven onveranderd lekker: in de salade of zomaar los uit 't handje.
Sinds een jaar of twee staat er een Arabische, tanige, trotse man van een jaar of veertig achter de toonbank van de winkel. Zwart haar, diepbruine ogen, scherpe blik en dito gelaatstrekken. Gelukkig heeft hij een bijzonder vriendelijke glimlach, anders zou hij met dit uiterlijk en zijn diepe basstem een onverzettelijke, bijna dreigende indruk maken. Zijn vrouw is ronduit mooi met haar lange zacht-krullende haren. Alles lijkt wel zacht aan haar: haar wangen, haar ogen, haar mond, haar welvingen, haar stem. Les extrèmes se touchent...
Het heeft lang geduurd, voordat ik durfde te vragen waar ze vandaan komen. Ik weet namelijk dat veel buitenlanders een dergelijke vraag opvatten als een terechtwijzing of een verkapt verwijt dat ze niet in hun eigen land zijn gebleven. Hoe dan blijk te geven van mijn belangstelling?
Op een dag biedt de televisie in de winkel uitkomst. Die staat namelijk bijna altijd aan op een zender waarop voor mij onverstaanbaar wordt gesproken en uit de letters kan ik ook geen wijs. Dit keer lijkt het -aan de heftigheid van de emoties, de beperkte cameravoering en de eenvoudige aankleding van de set te zien- op een soap.
"Drie scheppen?" vraagt de eigenaar, terwijl hij een plastic zakje richting de bak met mijn favoriete olijven beweegt en de grote lepel alvast pakt. Ik bestel altijd hetzelfde.
"Ja, graag," antwoord ik en concentreer me weer op de gebeurtenissen op het televisiescherm, die hij ook met een half oog blijft volgen. Op een gegeven moment hoor ik hem aanstekelijk grinniken. Ik draai me naar hem om.
"Waar gaat het over?"
Hij kijkt me aan met glimmende ogen van de pret en wil het me uit gaan leggen, maar haalt dan hoofdschuddend zijn schouders op en zegt lacherig: "Eigenlijk allemaal domme dingen, veel te ingewikkeld."
We grinniken allebei een beetje, terwijl hij het zakje met olijven op de weegschaal legt. En dan durf ik het.
"Waar komt u eigenlijk vandaan?" vraag ik.
"Uit Irak." zegt hij en het lijkt alsof zijn ogen ineens doffer zijn geworden.
"Ooooh, uit Irak."
Er valt een zware stilte.
Shit, wat moet ik nou zeggen?
"Het is 3 Euro 45," redt hij mij.
Ik geef hem een vijfje en krijg wisselgeld terug.
Maar ik wil het hier niet bij laten. Dat zou te makkelijk zijn.
Dan: "En woont er nu nog steeds familie van u?"
"Mijn moeder woont daar."
"Kan zij niet ook hierheen komen?"
"Nee, zij wil dáár blijven. Zij is oud."
"Maar dan maakt u zich zeker wel vaak zorgen om haar?"
"Elke dag." Hij zucht diep.
"En kunt u haar bellen?"
"Soms. Soms kunnen wij bellen."
Nadat ik hem veel sterkte heb gewenst, verlaat ik de winkel.
Een volgende keer is er een voetbalwedstrijd op de televisie. De eigenaar begroet me weliswaar als ik binnenkom, maar kan vervolgens nauwelijks zijn aandacht verschuiven naar de verkoop van olijven. Bij navraag blijkt Irak een kwalificatiewedstrijd te spelen voor het WK van 2010. Ze spelen thuis tegen Qatar, vertelt de eigenaar.
"Thuis? In Bagdad?" vraag ik verbaasd.
"Neenee, niet in Irak. Dat kan niet, door oorlog. In Dubai. Irak speelt al 20 jaar alle thuiswedstrijden in Dubai. Is al 20 jaar, oorlog in Irak."
Een paar weken later kom ik de winkel binnen op het moment dat hij nèt bezig is om de olijven te vermengen met knoflook en peterselie. Het is zo klaar, zegt hij. Terwijl hij doorwerkt, bekijk ik de schappen eens nader. Rozenwater uit Libanon, kikkererwten uit Turkije, zeezout uit Griekenland, couscous uit Marokko, verschillende chutney's uit India, rijst uit Suriname: de hele wereld lijkt wel vertegenwoordigd. Er is ook Maggi aardappelpuree... Mijn oog valt op een potje dadelstroop uit Basra.
Als ik het op de toonbank zet, draait hij het etiket naar zich toe en vraagt me of ik weet waar Basra is.
"Ja, in Irak."
Een goedkeurende knik.
En dan vertelt hij me dat het daar gemiddeld 48 graden is, bijna te heet voor mensen. Maar ideaal voor dadels. En hoe er daar vroeger 150 verschillende soorten dadels groeiden, miljoenen bomen, die ieder jaar weer een ongelofelijk rijke oogst opleverden. Het is duidelijk merkbaar hoe fijn hij het vindt om eens iets anders over zijn land te melden dan de gebruikelijke ellende.
"Maar ja," besluit hij, "nu, door oorlog is bijna niets meer van al die dadelbomen. Allemaal plat door de bommen."
Even kijkt hij me ietwat moedeloos aan.
's Winters eten veel mensen in Irak dadelstroop, gaat hij vervolgens snel door, omdat er zoveel energie in zit. Je wordt er helemaal warm van als je een lepeltje eet met wat brood. En dan nog wat tahin (sesampasta) erbij... het is zo lekker: dat moet ik echt eens proberen.
De melancholie is bijna tastbaar.
Kloteoorlog.
Sinds een jaar of twee staat er een Arabische, tanige, trotse man van een jaar of veertig achter de toonbank van de winkel. Zwart haar, diepbruine ogen, scherpe blik en dito gelaatstrekken. Gelukkig heeft hij een bijzonder vriendelijke glimlach, anders zou hij met dit uiterlijk en zijn diepe basstem een onverzettelijke, bijna dreigende indruk maken. Zijn vrouw is ronduit mooi met haar lange zacht-krullende haren. Alles lijkt wel zacht aan haar: haar wangen, haar ogen, haar mond, haar welvingen, haar stem. Les extrèmes se touchent...
Het heeft lang geduurd, voordat ik durfde te vragen waar ze vandaan komen. Ik weet namelijk dat veel buitenlanders een dergelijke vraag opvatten als een terechtwijzing of een verkapt verwijt dat ze niet in hun eigen land zijn gebleven. Hoe dan blijk te geven van mijn belangstelling?
Op een dag biedt de televisie in de winkel uitkomst. Die staat namelijk bijna altijd aan op een zender waarop voor mij onverstaanbaar wordt gesproken en uit de letters kan ik ook geen wijs. Dit keer lijkt het -aan de heftigheid van de emoties, de beperkte cameravoering en de eenvoudige aankleding van de set te zien- op een soap.
"Drie scheppen?" vraagt de eigenaar, terwijl hij een plastic zakje richting de bak met mijn favoriete olijven beweegt en de grote lepel alvast pakt. Ik bestel altijd hetzelfde.
"Ja, graag," antwoord ik en concentreer me weer op de gebeurtenissen op het televisiescherm, die hij ook met een half oog blijft volgen. Op een gegeven moment hoor ik hem aanstekelijk grinniken. Ik draai me naar hem om.
"Waar gaat het over?"
Hij kijkt me aan met glimmende ogen van de pret en wil het me uit gaan leggen, maar haalt dan hoofdschuddend zijn schouders op en zegt lacherig: "Eigenlijk allemaal domme dingen, veel te ingewikkeld."
We grinniken allebei een beetje, terwijl hij het zakje met olijven op de weegschaal legt. En dan durf ik het.
"Waar komt u eigenlijk vandaan?" vraag ik.
"Uit Irak." zegt hij en het lijkt alsof zijn ogen ineens doffer zijn geworden.
"Ooooh, uit Irak."
Er valt een zware stilte.
Shit, wat moet ik nou zeggen?
"Het is 3 Euro 45," redt hij mij.
Ik geef hem een vijfje en krijg wisselgeld terug.
Maar ik wil het hier niet bij laten. Dat zou te makkelijk zijn.
Dan: "En woont er nu nog steeds familie van u?"
"Mijn moeder woont daar."
"Kan zij niet ook hierheen komen?"
"Nee, zij wil dáár blijven. Zij is oud."
"Maar dan maakt u zich zeker wel vaak zorgen om haar?"
"Elke dag." Hij zucht diep.
"En kunt u haar bellen?"
"Soms. Soms kunnen wij bellen."
Nadat ik hem veel sterkte heb gewenst, verlaat ik de winkel.
Een volgende keer is er een voetbalwedstrijd op de televisie. De eigenaar begroet me weliswaar als ik binnenkom, maar kan vervolgens nauwelijks zijn aandacht verschuiven naar de verkoop van olijven. Bij navraag blijkt Irak een kwalificatiewedstrijd te spelen voor het WK van 2010. Ze spelen thuis tegen Qatar, vertelt de eigenaar.
"Thuis? In Bagdad?" vraag ik verbaasd.
"Neenee, niet in Irak. Dat kan niet, door oorlog. In Dubai. Irak speelt al 20 jaar alle thuiswedstrijden in Dubai. Is al 20 jaar, oorlog in Irak."
Een paar weken later kom ik de winkel binnen op het moment dat hij nèt bezig is om de olijven te vermengen met knoflook en peterselie. Het is zo klaar, zegt hij. Terwijl hij doorwerkt, bekijk ik de schappen eens nader. Rozenwater uit Libanon, kikkererwten uit Turkije, zeezout uit Griekenland, couscous uit Marokko, verschillende chutney's uit India, rijst uit Suriname: de hele wereld lijkt wel vertegenwoordigd. Er is ook Maggi aardappelpuree... Mijn oog valt op een potje dadelstroop uit Basra.
Als ik het op de toonbank zet, draait hij het etiket naar zich toe en vraagt me of ik weet waar Basra is.
"Ja, in Irak."
Een goedkeurende knik.
En dan vertelt hij me dat het daar gemiddeld 48 graden is, bijna te heet voor mensen. Maar ideaal voor dadels. En hoe er daar vroeger 150 verschillende soorten dadels groeiden, miljoenen bomen, die ieder jaar weer een ongelofelijk rijke oogst opleverden. Het is duidelijk merkbaar hoe fijn hij het vindt om eens iets anders over zijn land te melden dan de gebruikelijke ellende.
"Maar ja," besluit hij, "nu, door oorlog is bijna niets meer van al die dadelbomen. Allemaal plat door de bommen."
Even kijkt hij me ietwat moedeloos aan.
's Winters eten veel mensen in Irak dadelstroop, gaat hij vervolgens snel door, omdat er zoveel energie in zit. Je wordt er helemaal warm van als je een lepeltje eet met wat brood. En dan nog wat tahin (sesampasta) erbij... het is zo lekker: dat moet ik echt eens proberen.
De melancholie is bijna tastbaar.
Kloteoorlog.
vrijdag, juli 11, 2008
Betsy & kids
Voor het eerst in haar dertienjarige leven is Nicht uit de plattelandsomgeving van Nijmegen bij Tante in de grote stad komen logeren. Heel stoer. Ze wilde graag naar het Vondelpark om de groene halsbandparkieten te spotten en een beetje wandelen door de stad.
Het hele park doorgelopen, geen parkiet gezien. Gelukkig wel veel eendjes (bij haar in de buurt zijn er alleen maar gakkende ganzen), een reiger, de ooievaars en een paar zwervers. De twee gedichten die we in het kader van een poëzieproject hebben beluisterd vielen niet echt in goede aarde, maar ja, je kunt niet alles hebben.
In de Leidsestraat hebben we geneusd bij de Body Shop. Nicht is een fervent natuur- en dierenbeschermster en dus was zij blij te horen dat de welriekende producten niet op dieren worden getest. Als aandenken kreeg Nicht een royale pot body butter met kokosgeur cadeau. Verder een ijsje gehaald bij Ben en Jerry's en wat leesvoer ingeslagen bij Scheltema. Tegen die tijd brandden de blaren in mijn nieuwe schoenen en was ik dolblij dat Nicht graag een ritje wilde maken met de tram.
's Middags stond een bezoek aan de geitenboerderij op het programma. Nicht heeft geitjes de fles gegeven en natuurlijk ook nog geitenijs geproeft, maar de grootste verrassing bestond uit het feit dat hangbuikzwijn Betsy een paar dagen daarvoor was bevallen van negen kleine hangbuikbiggetjes.
Wat een vrolijk geritsel in het stro, wat een grappige vlekken op die krijsende beestjes en wat een moederlijk geknor van die imposante Betsy!
Het hele park doorgelopen, geen parkiet gezien. Gelukkig wel veel eendjes (bij haar in de buurt zijn er alleen maar gakkende ganzen), een reiger, de ooievaars en een paar zwervers. De twee gedichten die we in het kader van een poëzieproject hebben beluisterd vielen niet echt in goede aarde, maar ja, je kunt niet alles hebben.
In de Leidsestraat hebben we geneusd bij de Body Shop. Nicht is een fervent natuur- en dierenbeschermster en dus was zij blij te horen dat de welriekende producten niet op dieren worden getest. Als aandenken kreeg Nicht een royale pot body butter met kokosgeur cadeau. Verder een ijsje gehaald bij Ben en Jerry's en wat leesvoer ingeslagen bij Scheltema. Tegen die tijd brandden de blaren in mijn nieuwe schoenen en was ik dolblij dat Nicht graag een ritje wilde maken met de tram.
's Middags stond een bezoek aan de geitenboerderij op het programma. Nicht heeft geitjes de fles gegeven en natuurlijk ook nog geitenijs geproeft, maar de grootste verrassing bestond uit het feit dat hangbuikzwijn Betsy een paar dagen daarvoor was bevallen van negen kleine hangbuikbiggetjes.
Wat een vrolijk geritsel in het stro, wat een grappige vlekken op die krijsende beestjes en wat een moederlijk geknor van die imposante Betsy!
donderdag, juli 10, 2008
vrijdag, juli 04, 2008
Avontuur!
Gisteren heeft het zich allemaal voltrokken... en ik kan het nog steeds maar nauweljks geloven. Het ging ook allemaal zo snel. Om 9.15 uur had ik de afspraak voor een gesprek en twee uur later stond ik weer buiten met een fulltime baan als Engelse en Nederlandse leraar op die zwarte school, waarvan ik steeds maar het gevoel kreeg: "daar moet je heen, daar moet je wezen", alsof ik er naar toe gedúwd werd. Voor een veel beter salaris dan dat ik nu heb, in een school met een onderwijsvisie waarin de dialoog met de leerling centraal staat waardoor er aan het zelfbeeld gewerkt kan worden en deze school heeft zelfs een vijfjarenplan!
Helemaal beduusd ben ik ervan. Alsof ik droom.
Ik vind het heel spannend...
Helemaal beduusd ben ik ervan. Alsof ik droom.
Ik vind het heel spannend...
zondag, juni 29, 2008
Alles stroomt.
Meer dan een maand geleden is het, dat ik iets schreef op deze blog. Er gebeurde teveel en tegelijkertijd te weinig. Soms lijkt het van groter belang gedachtenloos op de bank te liggen zappen, dan eindeloos te herkauwen wat is voorgevallen. Soms moet het zich dan maar gewoon ontvouwen, zonder al teveel actief ingrijpen. Wat wil hier gebeuren? Wat dient zich aan? Afwachten.
Ik heb besloten om zo snel mogelijk weg te gaan van de school waar ik nu werk. Ik heb geen vertrouwen in de nieuwe directeur. Hij is me te glad, te onduidelijk, te laf. Hij heeft me geen kloten genoeg. Ik heb er geen vertrouwen in. Hij is wellicht ook nog te jong om het allemaal te kunnen zien.
Ik weet het niet.
Het maakt me ook niet meer uit.
Ik heb mijn best gedaan.
En nu heb ik mijn zinnen gezet op een zwarte vmbo-t school in Slotervaart. Op de site zijn foto's van leerlingen met hoofddoekjes en donkere ogen: 80% van hen is allochtoon. Mijn hart begint er sneller van te kloppen. Het is de school waar Margalith Kleijwegt haar boek "Onzichtbare ouders" over schreef en die vervolgens is omgedoopt tot Brede School van waaruit de wijk nieuwe impulsen wordt gegeven. Ik heb gesolliciteerd als teamleider, maar als dat het niet wordt, ga ik Engels geven. Ik weet dat ik naar die school wil.
Morgen hoor ik meer.
Ik heb besloten om zo snel mogelijk weg te gaan van de school waar ik nu werk. Ik heb geen vertrouwen in de nieuwe directeur. Hij is me te glad, te onduidelijk, te laf. Hij heeft me geen kloten genoeg. Ik heb er geen vertrouwen in. Hij is wellicht ook nog te jong om het allemaal te kunnen zien.
Ik weet het niet.
Het maakt me ook niet meer uit.
Ik heb mijn best gedaan.
En nu heb ik mijn zinnen gezet op een zwarte vmbo-t school in Slotervaart. Op de site zijn foto's van leerlingen met hoofddoekjes en donkere ogen: 80% van hen is allochtoon. Mijn hart begint er sneller van te kloppen. Het is de school waar Margalith Kleijwegt haar boek "Onzichtbare ouders" over schreef en die vervolgens is omgedoopt tot Brede School van waaruit de wijk nieuwe impulsen wordt gegeven. Ik heb gesolliciteerd als teamleider, maar als dat het niet wordt, ga ik Engels geven. Ik weet dat ik naar die school wil.
Morgen hoor ik meer.
zondag, mei 25, 2008
Zeun en Dochter
Het was een ongebruikelijke week. Het was de eerste week van de centraal schriftelijke examens, dus er vibreerden allerlei spannende sferen door het gebouw.
Maar het was ook relatief rustig, omdat de klassen aan wie ik doorgaans les geef op schoolreis waren. Zo ook Zeun, die me donderdag het volgende mailde vanuit een bergdorp in Zwitserland waar hij met zijn gehele jaargang per bus naar toe was gereisd om daar mooie wandelingen te maken en wat bosbouwwerkzaamheden te verrichten.
Hallooo!:D
Ik zit nu in de salon, met J. z'n flaptop. We hebben eindelijk internet. Gisteren bij het bomenschillen heb ik m'n been geraakt, maar het gaat al beter. Ik mis jullie best wel veel:). De dag dáárvoor was ik in de rivier gevallen, maar de koudheid viel wel mee. Nou, tot overmorgen.
Leuk, zo'n berichtje.
Ik moest er even over nadenken, maar realiseerde me gelukkig al snel dat het waarschijnlijk maar beter was om e.e.a. luchtig op te vatten, omdat ik anders wel bericht had gekregen van de leiding.
Toch was ik blij toen ik hem gisterochtend in levende lijve kon aanschouwen (en stevig huggen) en concluderen dat hij het uitermate goed heeft gehad.
Dochter heeft na de Krokusvakantie definitief haar studie afgebroken en is naar Rotterdam getrokken, waar ze nu "hokt" met Vriend. Eerst was er de opluchting over de beslissing en de vreugde over het samenwonen: de wittebroodsweken als het ware.
(Vond ik vroeger als klein meisje altijd een heel raar woord, want ik vond witbrood helemaal niet lekker: slappe hap met taaie korsten. Als dat nou de meest zorgeloze periode uit je huwelijk moest voorstellen... dan maar geen huwelijk hoor! En daar heb ik me aan gehouden dus.)
Maar na een tijdje begonnen het krappe budget en de verveling toe te slaan: wat te doen met haar tijd... en haar leven?
Op zoek naar een baantje dus!
De derde sollicitatie was raak en op de dag na Pinksteren is Dochter aangenomen als telefoniste. Ze wordt elke werkdag tussen 9 en 5 gebeld door mensen die hun gemeentereinigingsheffingbetalingstermijnen (leuk woord voor scrabble!) hebben laten verstrijken. En of Dochter dat dan voor ze kan oplossen. Soms blijkt degene aan de andere kant van de lijn een suïcidale bijstandsmoeder te zijn, dan weer een demente bejaarde dame, maar ook wel eens een onbeschofte hufter die mijn kind uitmaakt voor "domme koe" of "kankerwijf".
Het idee...
Nu belt Dochter me bijna elke dag om een minuutje of tien na de klok van vijven, als ze weer op weg naar huis is. Haar stem klinkt licht en vrolijk, terwijl ze me de meest sappige anekdotes van die dag vertelt. Haar supervisor prijst haar de hemel in, omdat ze zo hard werkt en de juiste toon steeds weet te treffen. En eergisteren kreeg ze haar eerste salaris gestort... ze was ontzettend trots.
En terecht!
Maar het was ook relatief rustig, omdat de klassen aan wie ik doorgaans les geef op schoolreis waren. Zo ook Zeun, die me donderdag het volgende mailde vanuit een bergdorp in Zwitserland waar hij met zijn gehele jaargang per bus naar toe was gereisd om daar mooie wandelingen te maken en wat bosbouwwerkzaamheden te verrichten.
Hallooo!:D
Ik zit nu in de salon, met J. z'n flaptop. We hebben eindelijk internet. Gisteren bij het bomenschillen heb ik m'n been geraakt, maar het gaat al beter. Ik mis jullie best wel veel:). De dag dáárvoor was ik in de rivier gevallen, maar de koudheid viel wel mee. Nou, tot overmorgen.
Leuk, zo'n berichtje.
Ik moest er even over nadenken, maar realiseerde me gelukkig al snel dat het waarschijnlijk maar beter was om e.e.a. luchtig op te vatten, omdat ik anders wel bericht had gekregen van de leiding.
Toch was ik blij toen ik hem gisterochtend in levende lijve kon aanschouwen (en stevig huggen) en concluderen dat hij het uitermate goed heeft gehad.
Dochter heeft na de Krokusvakantie definitief haar studie afgebroken en is naar Rotterdam getrokken, waar ze nu "hokt" met Vriend. Eerst was er de opluchting over de beslissing en de vreugde over het samenwonen: de wittebroodsweken als het ware.
(Vond ik vroeger als klein meisje altijd een heel raar woord, want ik vond witbrood helemaal niet lekker: slappe hap met taaie korsten. Als dat nou de meest zorgeloze periode uit je huwelijk moest voorstellen... dan maar geen huwelijk hoor! En daar heb ik me aan gehouden dus.)
Maar na een tijdje begonnen het krappe budget en de verveling toe te slaan: wat te doen met haar tijd... en haar leven?
Op zoek naar een baantje dus!
De derde sollicitatie was raak en op de dag na Pinksteren is Dochter aangenomen als telefoniste. Ze wordt elke werkdag tussen 9 en 5 gebeld door mensen die hun gemeentereinigingsheffingbetalingstermijnen (leuk woord voor scrabble!) hebben laten verstrijken. En of Dochter dat dan voor ze kan oplossen. Soms blijkt degene aan de andere kant van de lijn een suïcidale bijstandsmoeder te zijn, dan weer een demente bejaarde dame, maar ook wel eens een onbeschofte hufter die mijn kind uitmaakt voor "domme koe" of "kankerwijf".
Het idee...
Nu belt Dochter me bijna elke dag om een minuutje of tien na de klok van vijven, als ze weer op weg naar huis is. Haar stem klinkt licht en vrolijk, terwijl ze me de meest sappige anekdotes van die dag vertelt. Haar supervisor prijst haar de hemel in, omdat ze zo hard werkt en de juiste toon steeds weet te treffen. En eergisteren kreeg ze haar eerste salaris gestort... ze was ontzettend trots.
En terecht!
dinsdag, mei 06, 2008
Al klaar!
Soms gaan de dingen heel snel: ik keek zoëven naar de vorderingen van KIVA om het geld voor Khairiya's groepsonderneming bij elkaar te krijgen... is de fondsenwerving al rond. Mooie boel zeg. Letterlijk.
zondag, mei 04, 2008
Nieuwe lening via KIVA
Het besluit is gevallen: dit project ga ik ondersteunen. In de eerste plaats omdat het in Tanzania, Afrika is. En dan ook nog eens in Zanzibar, waarover mij ooit een Noorse heks genaamd Gudrunn vertelde dat het daar zo heerlijk naar kruidnagelen ruikt, omdat die daar volop geteeld worden. Maar dat is alweer meer dan twintig jaar geleden... In de tweede plaats leen ik mijn geld niet aan slechts één vrouw Khairiya, maar via haar ook aan Fatima en Amina met wie ze een groep vormt. Uit de omschrijving wordt mij niet helemaal duidelijk waar hun business uit bestaat, maar er wordt iets verkocht volgens mij. En wel op een manier waarbij er zo'n 90$ per maand winst wordt gemaakt. Daarvoor werkt Khairiya elke dag van 7 uur 's morgens tot 6 uur 's avonds. Ze heeft een echtgenoot en een kind van 12 jaar oud.
Khairiya, Fatima en Amina hebben nog 350$ nodig... Wie doet er mee?
zaterdag, mei 03, 2008
Ooievaars
Het Vondelpark was vanmiddag een verschrikkelijke aangelegenheid. Als je tenminste een rustgevende ervaring voor ogen gehad zou hebben. De grasvelden waren bezaaid met picknickende jonge gezinnen, zonaanbidders en mensen die iets te roken, drinken en/of te vieren hadden. Gelukkig had ik mijn mp3-spelertje bij me en kon ik net doen alsof ik bijna alleen was, als ik maar niet teveel om me heen keek en de blik vooral op al het ontluikende groen gericht hield. Niet te hard fietsen om het gevaar van aanrijdingen te beperken.
Eén vreugdevol feit om te vermelden: de ooievaars zijn terug! Deze foto heb ik eerlijk gejat van de web-site van stadsdeel Oud Zuid
en voor meer informatie verwijs ik dan ook met alle respect naar alhier. Tot mijn verbazing is daar te lezen dat men verwachtte dat de ooievaars in augustus wel weer naar het zuiden zouden vertrekken. Maar ik heb op 29 december j.l. nog een aantekening gemaakt dat ik ze had gezien en nodig eens moest googleën om erachter te komen of dat wel in orde was allemaal... De natuur is echt van slag?
Eén vreugdevol feit om te vermelden: de ooievaars zijn terug! Deze foto heb ik eerlijk gejat van de web-site van stadsdeel Oud Zuid
en voor meer informatie verwijs ik dan ook met alle respect naar alhier. Tot mijn verbazing is daar te lezen dat men verwachtte dat de ooievaars in augustus wel weer naar het zuiden zouden vertrekken. Maar ik heb op 29 december j.l. nog een aantekening gemaakt dat ik ze had gezien en nodig eens moest googleën om erachter te komen of dat wel in orde was allemaal... De natuur is echt van slag?
Abonneren op:
Posts (Atom)
